Review Basiscursus Baby- en kindgebaren

Ruth, ze beleeft de wereld vol verwondering en weet dit om te zetten in prachtige verhalen en poëzie. Ze onderzoekt en ontdekt en met name de wereld van het moeder zijn. En vooral ook de wereld van haar dochter Evie. Samen met haar vriend heeft ze een cursus gevolgd bij Taal voor Taal Baby- en kindgebaren en deelt hier haar ervaring.

Praten, dat kunnen ze nog niet

Daar zat ik dan, kersverse moeder met een grote behoefte om de wereld en de mensen om mij heen te analyseren, te duiden en te begrijpen. Dat is doorgaans mijn manier om grip te krijgen op alles wat er in mijn leven gebeurt. Maar dat is met een babydochter nog niet zo makkelijk. Want die kleintjes kunnen veel (heel hard huilen, luiers volpoepen, tergend langzaam een fles leegdrinken, maar ook ontroerend lief glimlachen, kraaien van plezier, en schattige én knalharde boeren laten), maar praten, dat kunnen ze nog niet.

Toch is er een prachtige manier om ver voor de eerste woordjes al op een andere en aanvullende manier met je kleintje te communiceren. Via de Facebookgroep Moeders in Groningen ontdekte ik het bestaan van Baby- en kindgebaren. Niet, zoals je misschien zou denken, alleen maar voor dove en slechthorende kindjes. Maar juist voor alle baby’s, kinderen en ouders.

  • Omdat het een mooie, fysieke manier is om je woorden en zinnen te ondersteunen met gebaren.
  • Omdat de lichamelijke ontwikkeling van kinderen dusdanig is dat praten met handen en voeten al lukt ver voordat ze de eerste woordjes kunnen zeggen.
  • Omdat het eigenlijk een simpele en voor de hand liggende uitbreiding is van de gebaren die we met z’n allen toch al maken: zwaaien, klappen, en wijzen bijvoorbeeld. Of denk maar aan de liedjes ‘In de manenschijn’ of ‘klap eens in je handjes’.
  • En omdat het een manier is om je kinderen te bereiken in situaties waarin je anders misschien hard zou moeten roepen.

Een cursus Baby- en kindgebaren

Dolenthousiast over deze ontdekking meldde ik ons aan voor een privécursus Baby- en kindgebaren bij Taal voor Taal, van Petra Nell. Twee keer kwam ze bij ons thuis, met een koffer vol inzichten, voorbeelden van hoe je gebaren kunt toepassen en hoe haar eigen kinderen gebaren gebruiken om iets duidelijk te maken. Al spelenderwijs leerden we op een interactieve manier een hele rits gebaren. We leerden hoe we papa, mama, opa en oma gebaren.

Hoe we aan Evie kunnen vragen of ze meer wil, of juist of iets ‘KLAAR’ is.

We leerden het gebaar voor lief, voor poepen, voor eten, drinken, melk en beer. Voor helpen (‘moet papa even helpen?’), voor werken (‘mama gaat werken’), voor boekje lezen en voor slapen.

En we gingen er mee aan de slag. Als we met onze dochter Evie praten proberen we daar waar het kan de bijbehorende gebaren te maken. We verzonnen een eigen ‘naamgebaar’ voor Evie en vertelden opa’s, oma’s en ooms en tantes enthousiast over wat we geleerd hadden. En dat het voor ons eigenlijk heel logisch voelde. En we keken uit naar de eerste gebaren die Evie zelf zou gaan maken. Die zullen nog niet zo perfect gaan als ze worden voorgedaan in gebarenapps als Kwebble, maar dat is met praten natuurlijk net zo.

Zo gaat het nu

Inmiddels zijn we een aantal maanden verder en is Evie bijna 1. Ze zwaait, ze klapt in haar handjes, ze legt af en toe beide handjes op haar hoofdje, ze wijst, ze maakt af en toe een gebaar dat lijkt op dat van ‘nog meer’ en ‘lekker’ en ze ‘mamamamaaat’ en ‘papapapaaaat’ er lustig op los. Ik moet wel eerlijk bekennen dat ons eigen gebruik van de gebaren wel een beetje is weggezakt. Eigenlijk zouden we op strategische plekken, zoals bij het aankleedkussen, reminders van de gebaren moeten plakken: ‘Oh ja, dat is ook zo. Dat is ‘luier’, dat is ‘KLAAR’ en dat is ‘poep’’. En aan tafel zouden we zelf een placemat kunnen maken met gebaren als ‘eten’, ‘drinken’, ‘boterham’ en ‘appelstroop’. Omdat we zelf niet zijn opgegroeid met gebaren kost het tijd en aandacht om het gebruik van de gebaren zo te automatiseren dat we er eigenlijk niet bij nadenken.

Maar toch, het schrijven van deze blog is voor mijzelf in elk geval weer een mooie aanmoediging om er toch mee door te gaan. Als ik deze laatste zinnen straks heb getypt, ga ik de daad bij het woord voegen, die reminders plakken en de placemat maken. Desnoods oefen ik de komende tijd op de wc.

Want ook al gebruiken we ze nog niet zo veel als ik zou willen, deze extra communicatiemogelijkheid met mijn kleintje geeft me nu al een klein beetje extra begrip, én een grote dosis plezier.

 

Wil je meer weten en lezen over Ruth? Lees, geniet en laat je meeslepen in de prachtige verhalen van Ruth op: www.ruthkoopsvantjagt.nl

 

Babygebaren? Dat deden wij vroeger toch ook niet.

Vaak heb ik mij moeten verdedigen, zo voelde het. Ik vertelde mijn omgeving dat wij onze zoon babygebaren gaan leren. De vreemde blikken, open nieuwsgierige vragen, (zéér) kritische opmerkingen en ook afkeuringen zijn best te verklaren. Onbekend maakt onbemind. En tegen de stelling ‘dat deden we vroeger toch ook niet’, daar kon ik niet tegenop. En misschien moest ik dat ook niet willen.

Wat ze vroeger wél deden!

Babygebaren_

Hieperdepiep Hoera! En daar gaan de baby handjes. Nog voordat de kleine 1 jaar is geworden, wordt er druk geoefend om die handjes in de lucht te krijgen bij ‘HOERA’. Want hoe leuk is het als hij op zijn eerste verjaardag samen met de visite mee kan doen. Of het liedje ‘visje visje in het water’, bij mama op schoot die een vis gebaart met haar hand. ‘….Klom ik op een trapje naar het raamkozijn..’, en daar klimmen de handjes in de lucht van mama en de kleine. Om de dag af te sluiten met ‘sst… slaap lekker’. Waar iedereen het gebaar bij kan bedenken.

En daarom… Babygebaren.

Want vroeger konden kleine kinderen ook al zo goed met hun handjes meedoen. Daarom doen we dat anno nu nog steeds. Maar dan een beetje meer. Omdat ze dat gewoon heel goed kunnen. Het maken van gebaren is namelijk een grove motoriek, en deze ontwikkelt zich eerder dan de fijne motoriek. De spraak. En zo geef ik vandaag de dag mijn kinderen een taal in handen.

 

‘Want vroeger konden kleine kinderen ook al zo goed met hun handjes meedoen.’

 

Vertellen met gebaren als praten (nog) niet lukt

Met de taal in handen kan Hugo, mijn zoontje, vertellen wat hij ziet, hoort, wil of denkt. Zo stelde ik hem een keer de vraag welk boekje hij wilde lezen. En met zijn 14 maanden oud is dat nog lastig te vertellen. Het woordje ‘die’ kon hij goed uitgespreken. Maar dat kunnen veel boeken zijn in de overvolle boekenkast. Wijzend en roepend (‘die!’) stond hij voor de kast en kon ik beginnen met raden om welk boek het zou gaan. Gelukkig maakte hij het mij gemakkelijk. Door er ook ‘vis’ bij te gebaren. ­Dat scheelt een hoop tijd, onbegrip en frustratie.

cropped-IMG_7927.jpg

Dus waarom niet!

Het ‘visje’ van vroeger komt nog steeds van pas. Die houden we er wel in. We hebben er alleen wat meer gebaren aan toegevoegd. En dat maakt dat Hugo, nog voordat hij kan praten, kan vertellen dat hij drinken wil, een poes ziet, een helikopter hoort, en nog veel meer. En dat door te vertellen met zijn handen. Met babygebaren.

Duidelijke taal!

Duidelijke Taal

begrip babygebaren

Het is NIET leuk als je NIET begrepen wordt. Hoe vaak zie en hoor je niet dat kinderen gefrustreerd zijn omdat ze niet duidelijk kunnen maken wat ze willen, wat ze zien of wat ze voelen. En hoe frustrerend is dit voor de ouder? Je eigen kind niet helemaal kunnen begrijpen.

Wat zie je daar?

Als ouder ben ik snel geneigd om van alles in te vullen voor mijn kinderen. Wat hij denkt, wat hij voelt, wat hij wil en wat hij ziet. Toch kom ik er regelmatig achter dat wat ik denk niet altijd juist hoeft te zijn. Zo zat ik met Hugo (15 mnd) op de fiets en reden we langs de weilanden waar we paarden en schapen zagen grazen. Ik begon een gesprekje over de schapen omdat ik dacht dat hij deze dieren in het vizier had. Hugo produceerde een ontevreden geluid, bleef wijzen en maakte vervolgens het gebaar voor ‘paard’ met zijn vingers. ‘Sorry schat’, was wat ik kon zeggen, ‘mama begreep je verkeerd.

We begrijpen elkaar

Dat is wat ik in de opvoeding van mijn kinderen mee wil geven. Duidelijke communicatie om elkaar te kunnen begrijpen. Wie elkaar niet begrijpt, praat langs elkaar heen. Met alle frustraties van dien. Van jongs af aan leer ik mijn jongens een eenvoudige gebarentaal (babygebaren). Ik geef ze hiermee een taal in handen die zij kunnen gebruiken (vanaf 8 mnd), nog voordat zij kunnen praten. Het is ZÓ leuk als je elkaar écht begrijpt!

 

 

Herken je dat?

Begrijp jij je kindje weleens verkeerd?

 

 

Lees ook mijn blog 'Begrijp me dan.'

 

 

Review oudercursus babygebaren

Review Oudercursus

Taal voor Taal – Communiceren met de allerkleinsten

Petra Nell van Taal voor Taal vroeg of één van onze crewleden zin had om een cursus Babygebaren te volgen. Rixt wilde dit graag doen voor haar dochter van 1 jaar. De cursus bestaat uit drie avonden in een tijdsbestek van ongeveer 2 à 3 maanden. Zo heb je tijd tussen de avonden om te oefenen met je kindje.

Wat is babygebaren?

moeders in groningen2Hoewel een kind doorgaans pas rond de leeftijd van een jaar begint met praten, is het al veel eerder in staat om met zijn omgeving te communiceren. Door je kind gebaren aan te leren, kun je die tussenliggende periode overbruggen. Dat scheelt aardig wat frustratie voor ouder en kind.

De hersenen van je kindje zijn, wanneer het tussen de 6 en 9 maanden oud is, dusdanig ontwikkeld dat ze zich steeds meer bewust worden van hun directe omgeving. Lees verder op de site van http://www.moedersingroningen.nl/babygebaren-taal-voor-taal/