Hij is twee en ik zeg nee!

Waarom ik nee zeg als mijn zoon twee is?

Mijn twee-jarige Boris is hard aan het groeien en wordt motorisch steeds vaardiger. Hij is zijn wereld aan het vergroten en doet daarbij geweldige ontdekkingen. En hieruit vormen zich briljante ideeën in zijn hoofd.

  • Zoals een mooie tekening op de muur maken, net als dat schilderij wat er naast hangt.
  • Met een kinderschaar knippen in papier én in mama’s favoriete broek én in zijn eigen haar, net zoals de kapper doet.
  • Een broodje smeren met (een half kuipje) boter omdat zijn broer dat ook kan.
  • Door de plassen stampen als het regent want dat spettert zo leuk, of wat de reden ook maar mag zijn. Dit is je vast niet onbekend.

Wees eens eerlijk. 

Hoe vaak heb jij al ‘nee’ gezegd of ‘nee’ geschud of met een vinger ‘nee’ gezwaaid vandaag?

Om eerlijk te zijn

Mijn inspiratie voor dit blog is ontstaan door een artikel wat mij liet inzien dat niet altijd de peuters maar de ouders degene zijn die in de ‘nee-fase’ komen. Ikzelf moet vaak snel schakelen en bedenken hoe ik inspeel op de meest genereuze ideeën van mijn zonen. Dat een eerste reactie ‘nee’ is omdat ik niet altijd kan voorzien wat de gevolgen van hun plannen zijn, zal ik niet ontkennen. Los van dat daarop vaak een tegendraadse reactie komt, vind ik het vooral voor mijzelf ook irritant om steeds maar dat woordje ‘nee’ te moeten zeggen of  ‘Niet doen!, Even wachten!, Nu even niet! of Laat maar los…’

Ik hoor mijzelf klagen!

En die klaagzang van mijzelf op dat wat Boris, vanuit zijn beste bedoelingen, probeert te doen werkt voor zowel Boris als voor mij en de hele sfeer in huis niet positief.

 

Corrigeren en sturen met gebaren

Neem nu het tafelmoment. Het is voor beide jongens onmogelijk om dat hele moment van A tot Z te blijven zitten op hun stoel. Op zijn minst moet er:

  • 15 x gewiebeld worden met de billen van links naar rechts.
  • Vervolgens moet de stoel 5 x van tafel geschoven worden en ik mag de stoel weer terug zetten omdat ze niet meer bij hun broodje kunnen.
  • Tot slot nog 13x staan-zitten-staan-zitten en blijven staan.

Rekening houdend met dat jongens een stijgend testosteron gehalte hebben rond deze leeftijd en dat zij er dus eigenlijk niks aan kunnen doen, hebben wij gewoon de regel dat als je je broodje smeert en eet, dat je dan zit. Gewoon zit. En in plaats van ‘Ga nu eens zitten’, wat ik wil zeggen op momenten dat ik net een hap van mijn brood neem, gebruik ik het gebaar voor ‘zitten’. En het werkt! Ik hoor mijzelf niet in klaagzang praten, ik vertel (gebaar) ze zelfs met mijn mond vol wat ik van ze verwacht en het eetmoment wordt niet verstoord. Het is als het ware een mededeling tussen de bedrijven door. Voor iedereen duidelijk en het heeft niet de overhand.

Liever 10x het woord ‘zitten’ gebaren dan uitspreken.

Want geloof me, na de tiende keer spreek ik het niet meer zo geduldig uit.

 

Mijn nee-fase

Je leest vaak in blogs wat de voordelen van gebaren voor kinderen zijn. Wel, er zijn evenveel voordelen voor ouders om gebaren te gebruiken. Ook nu ervaar ik weer wat het met mij doet om gebaren te gebruiken.

  • Ik laat mijn ongeduld niet doorschemeren in een gebaar, terwijl dat verbaal wel te horen is. Heel fijn omdat mijn hoorbare ongeduld averechts werkt op de jongens.
  • Aan het einde van de dag zeg ik niet meer ‘Ik hoor mijzelf de hele dag ‘nee’ zeggen’. Omdat ik met regelmaat een gebaar inzet om bij te sturen.

Nu probeer ik die kleine jongen wat rustiger door zijn ontdekkingsperiode heen te loodsen. Voor hem leuk, voor mij leuk. Hopelijk gaat mij dat ook lukken wanneer hij drie jaar is. Dan dient zich de volgende fase aan. ‘Ik ben drie en bepaal de regie!’

Ben je nieuwsgierig naar het artikel waarover ik schreef. Bekijk het hier op https://kiind.nl/waarom-de-nee-fase-onzin-is/. En wil je weten wat de voordelen voor jou zijn om te gebaren met een kleuter? Hou de site in de gaten want binnenkort schrijf ik hier een blog over.

Van een moeder die nu kindgebaren gebruikt :) 

Door Petra Nell | docent Baby- en kindgebaren Taal voor Taal | 10 september 2018

 

Baby- en kindgebaren… Dat is écht voor iedereen HANDIG!

Toen Neshama 3 maanden was, hadden we de cursus babygebaren afgerond. We vonden het fantastisch. Omdat we nog zeker 3 maanden moesten wachten voordat er een reactie van haar kant zou komen, hadden we alle tijd om te oefenen. De gebaren nog meer eigen te maken. We hadden zelfs een app waarin de gebaren stonden. Met deze app konden we oefenen om zowel de gebaren als de woorden te leren. In no time hadden we alle 50 gebaren onder de knie. Of in de hand ;-)

Gebaren 

En toen begon het.

Ze was eindelijk in staat om onze gebaren te begrijpen. Eindelijk kon ze terug gebaren. We gingen helemaal los. Vooral de gebaren ‘nog meer’ en ‘klaar’ waren erg handig. Die werden heel veel gebruikt. Zo handig om te weten of ze nog een hapje eten wilde hebben. Of ze nog een boekje wilde lezen. Of al klaar was.

Ik kwam een filmpje tegen van Neshama toen ze net 9 maanden was. Oma zit op de bank en heeft een broodje kaas. Neshama was en is gek op die broodjes van oma. Ze staat naast oma op de grond heerlijk te kauwen op haar broodje. Ondertussen is ze driftig met haar ene armpje aan het wapperen. Nee, ze is niet aan het zwaaien. Ze gebaart dat ze ‘nog meer’ wil. En daar komt het volgende hapje brood. Het armpje heeft even rust, en nog voor ze haar mond leeg heeft, begint dat armpje weer te zwaaien. ‘NOG MEER! oma’. Dat is duidelijk.

FILMPJE >>> Neshama (9mnd) gebaart ‘nog meer’. <<< FILMPJE

Al gauw kwamen de gebaren voor lekker, klaar, speentje en toetje er bij. Haar favoriete gebaar was al gauw toetje! Het gebaar maak je door je wijsvinger op je wang te zetten, en dan de wijsvinger een kwart slag te draaien. Ze was zo fanatiek dat er kuiltjes in haar wangen kwamen van het gedraai. Opa kende geen één gebaar. Behalve… uiteraard… TOETJE! Daar werd dan ook handig misbruik van gemaakt.

Waarom gebaren?

Neshama leerde al heel gauw dat ze, door met haar handen te gebaren, door papa en mama begrepen werd. Ze kon aan ons vertellen met haar handen, wat haar mond nog niet kon.

  • Ze wordt begrepen.
  • Ze kan iets duidelijk maken.
  • Ze hoeft niet eindeloos iets aan te wijzen of ‘die die die’ te zeggen.
  • Het scheelt heel veel frustratie.
  • Ze vertelt aan ons wat er in haar omgaat. Wat haar bezig houdt.
  • Het geeft rust in ons leven.

Natuurlijk kwamen er niet hele volzinnen in gebarentaal uit. Maar aan één gebaar had ik genoeg om te weten wat ze bedoelt. En soms ook niet. Soms moest ik ook even rondkijken wat er te zien is. Wat ze zou kunnen bedoelen. En dan kwam ik erachter dat ze het hondje aan het einde van de straat had gezien.

En dit zijn nog maar een paar van de voordelen. Ook nu ze wat ouder is, hebben we nog veel plezier van de gebaren. Het helpt Neshama bij het begrijpen en eigen maken van abstracte begrippen. Hoe? Daar gaat een volgend blog over.

Ben je na het lezen van mijn verhaal geïnteresseerd geraakt in babygebaren? Lees dan hier nog meer over Baby- en kindgebaren. Wil je ook deze voordelen ervaren met je kindje en een cursus gaan volgen? Je kunt je hier aanmelden.

Lees ook mijn blog over de cursus Baby- en kindgebaren die ik gevolgd heb.

 

 

 

 

Take a compliment!

1 maart 2018: Complimentendag.

Van mij mag het elke dag complimentendag zijn. Ik hou van complimenten. Ik hou er van om mijn kind complimenten te geven. Ik zeg vaak tegen Neshama: wat goed van jou! Wat knap van jou. Goed gedaan. Wat ben je mooi.

Wel of geen compliment?

De professionals zullen het niet altijd met me eens zijn dat ik dit doe. Het schijnt dat als je te veel, te vaak of op de verkeerde manier complimenten geeft, dat juist averechts werkt.

En dat vind ik wel lastig. Om over dit onderwerp te kunnen bloggen, ging ik op onderzoek uit. En af en toe was dat best confronterend.

Ik vind het namelijk heerlijk om complimentjes te geven. Maar is mijn manier van complimentjes geven wel de beste manier? Heeft het het effect op mijn kind wat ik wil bereiken?

Want ik zit er niet op te wachten dat ik een kind krijg die verslaafd raakt aan complimenten. En zonder compliment niks meer wilt doen. Of nog erger, dat ik als ouder beschuldigd word, dat ik een praise-junkie ben.  Dat ík niet kan functioneren zonder complimenten.

Maar hoe moet/kan het dan wel?

Interessante artikelen en tips daarover lees je op  J/M Ouders.

  • Wees aanwezig: geef aandacht, geen complimenten
  • Beschrijf: ‘Je deed het, je hebt je huiswerk afgemaakt!’
  • Leg uit wat de gevolgen zijn: ‘Je gaf Sanne haar speelgoed; daar wordt ze blij van’. Of: ‘Je vriendjes vonden het vandaag echt gezellig om met jou te spelen, omdat je je speelgoed met hen gedeeld hebt.’
  • Bespreek: ‘Je fietste vandaag alleen naar school; gaf je dat een trots gevoel?’

Punt 1 moet ik nog wel even aan werken denk ik. Het is natuurlijk ook een beetje gek dat de eerste tip in een blog over complimenten is: Geen complimenten geven. Punt 2-4 zijn mooie dingen die ik wil gaan toepassen.

In hetzelfde artikel op J/MOuders.nl staat ook:

Adele Faber & Elaine Mazlish schrijven in How to Talk so Kids Will Listen & Listen so Kids Will Talk dat als ouders waardering geven door het beschrijven wat zij zien, kinderen zichzelf zullen prijzen. Oftewel: je helpt kinderen hun eigen prestaties te herkennen en trots daarop te zijn. Kinderen leren op die manier vanuit eigen motivatie dingen te doen.

Complimenten gebaren

Toen ik bovenstaande stukje las, moest ik meteen aan iets denken wat Petra mij vertelde. Je kunt gebaren heel mooi gebruiken om complimenten te geven.

Zo kun je op afstand een compliment geven aan je kind.

En als je op de juiste manier complimenten maakt, zullen kinderen het ook gaan gebruiken voor zichzelf.

Petra vertelde dat haar zoontje ergens mee bezig was. En blijkbaar had hij het heel goed gedaan. Want ze zag dat hij zichzelf een complimentje gaf door kort op z’n hoofd te slaan: het gebaar voor knap.

Dit gebaar je als je kind iets super goed gedaan heeft. Wat knap van jou! Het gebaar voor knap (bij kinderen) is dat je even twee keer met een platte hand op je hoofd tikt.

Heerlijk om te zien en te horen dat kinderen het echt in zich opnemen om te gebaren. Dat ze echt laten zien dat ze het begrepen hebben. En dat ze hun eigen prestaties herkennen, waarderen en kunnen uiten. Dat ze een taal in handen hebben.

Complimentendag

Gelukkig is het vandaag complimentendag. De dag om complimenten uit te delen. Kan ik vandaag nog helemaal los gaan op complimenten geven zoals:

  • Wat goed van jou! Een gebaar dat ik persoonlijk heel veel maak. (Heel simpel: Je steekt je duim omhoog.) Of:
  • Wat ben je mooi! (Maak het gebaar door je duim en wijsvinger op elkaar in een rondje te buigen. De andere vingers wijzen omhoog. Dan beweeg je je hand van je lichaam af. Iets schuin omhoog.)

En mocht je nou niet met kleine kinderen werken / geen kleine kinderen hebben, kun je ook nog het volwassen gebaar voor knap gebruiken. ;-) Leg je wijsvinger boven op je neus, en aai met een vloeiende beweging over je neus heen en stop dan zo’n 10 cm van je neus. Leuk om tegen je collega’s te gebaren.

 

 

 

 

 

 

Veel plezier met de gebaren. Ik doe vandaag volop mee met het geven van complimenten. En dan morgen…..

Morgen nog maar een keer die artikelen lezen en afkicken van de “verkeerde” complimenten geven. Help! Ik ben een Praise-junkie!

(Afbeeldingen: Nederlands Gebarencentrum)

Durf ik het of durf ik het niet?

Tamara is gestart met het geven van workshops en cursussen Baby- en kindgebaren. Samen met Tineke en Petra geeft zij hiermee mede vorm aan Taal voor Taal. Als kersverse docent en ondernemer neemt Tamara je mee in haar ervaringen en belevenissen…

In december deed ik mee aan een Instagram-Challenge van dolly.nl. Ze geeft je echt handvatten om meer mensen te bereiken. Wat werkt wel en wat werkt niet op Instagram.

Ik gebruikte vóór de Challenge Instagram alleen voor de persoonlijke kiekjes. Maar nu wil ik Instagram meer gebruiken voor Taal voor Taal. Deze Challenge kwam dus precies op tijd.

In dezelfde week ontving ik over de post van drukwerkdeal een kalender met bovenstaande quote erin. Toepasselijker kan bijna niet. En zo simpel eigenlijk. Uiteindelijk blijft er maar één ding over: durf je het of durf je het niet?

Docentenopleiding

Die vraag hield mij eerder ook al bezig. Neshama gaat nu naar de peuterspeelzaal dus ik heb wat meer tijd voor mezelf. Ik wil weer wat gaan doen naast fulltime moeder zijn. Maar wat ga ik doen? Ga ik weer werken als gastouder? Ga ik wat anders doen?

De docentenopleiding voor baby- en kindgebaren kwam voorbij. Dat leek me leuk! Maar er zit al iemand in Groningen die dat doet. Heeft dat wel zin? Gaan we elkaar niet in de weg zitten? Durf ik dat? Mijn eigen bedrijf beginnen?

Het antwoord is JA! Ik durf het. (Meer hierover in een volgend blog)

Instagram challenge

Okay. Nu ik toch ja gezegd heb, wil ik het ook goed doen. Hoe ga ik social media inzetten? Hoe gaan nog meer mensen Taal voor Taal leren kennen? Hoe laten we weten dat het heel erg leuk én handig is om te gebaren?

Hoe laten we ze kennis maken met Baby- en kindgebaren?

Dolly daagde mij uit. Ze laat je nadenken over wat je wilt. Wie is mijn ideale klant? Wat wil ik ze vertellen? Hoe gebruik ik Instagram optimaal?

Voor mezelf kwamen deze vragen boven:

  • Durf ik mezelf te laten zien op social media?
  • Durf ik live te gaan?
  • Durf ik meer van mezelf te laten zien?

Dúrf ik het, of durf ik het niet?

Voor mijn volgers heb ik deze vragen:

  • Durf je buiten de hokjes te denken?
  • Durf je het aan om meer gemak te ervaren door gebaren te leren?
  • Durf je de ‘vooroordelen’ te laten gaan en ook met je horende baby en kind te gebaren?

Uiteindelijk blijft er maar één ding over: durf je het of durf je het niet?
Jan Lohuis (vertwenz)

En jij? Durf jij?

 

Begrijp me dan

Begrijp me dan

We staan op het punt te vertrekken bij de kinderopvang. Ik draag mijn zoontje op mijn arm en wil de leidster gedag zeggen. Mijn zoontje blijft staren naar het raam, de blik in zijn ogen. Iets heeft zijn interesse gewekt. Hij  beweegt zijn armen heen en weer. De leidster reageert op zijn bewegingen en zwaait naar hem. Dag Hugo, dááág, tot de volgende keer...  

begrijp-me-dan-1Jammer

De reactie van de leidster is begrijpelijk. Het lijkt misschien op zwaaien. Echter is zijn blik gefocust op iets bij het raam. Zijn gezicht laat ook niet merken dat hij bezig is met gedag zeggen tegen zijn leidster. Hij blijft stug wapperen met zijn armen, want hij wordt niet goed begrepen.

Net als brabbelen

Net als bij brabbelen. Wanneer een kind zich niet begrepen voelt, blijft hij het met brabbelen proberen. En proberen en proberen. Tot de frustratie zo hoog opgelopen is dat zowel de ouder of opvoeder als het kind ongelukkig zijn met de situatie. Het invullen van wat we denken wat kinderen bedoelen, wordt snel gedaan. Maar hebben we het altijd juist? 

‘Ik vertel het je… met gebaren.’

 Ik vertel het je… met gebaren

Een woord omzetten in gesproken taal is erg moeilijk. Een woord omzetten in gebarentaal is makkelijker. Zelfs nog vóórdat kinderen kunnen brabbelen, kunnen ze al vertellen met gebaren. Het maken van gebaren ontstaat namelijk vanuit de grove motoriek:

  • Eerst alleen met de armen, ver van het lichaam
  • Dan komen de handen erbij
  • En vervolgens met de vingers en dichter op het lichaam

Om het gebrabbel te ondersteunen, kunnen kinderen dus gebaren gebruiken. Zie het als een soort ‘ondertiteling’. De spraak, de fijne motoriek, komt hierna. En wees niet bang dat een kind later gaat praten omdat hij gebaren gebruikt. Uit onderzoek is gebleken dat het de spraak versnelt en de woordenschat van een kind vergroot. Maar daar vertel ik later meer over.  

Ik zwaai niet, maar zie een…

Hugo beweegt zijn armen en zijn blik is op het raam gericht. Ik kijk met hem mee. Er is veel te zien in de richting waar hij naar kijkt. Door het raam zien we buiten een speeltuin met schommel en glijbaan, een boom, een bal en in de verte een paar huizen. De gebaren die hij maakt, maakt duidelijk wat zijn aandacht écht heeft. Dat stickertje in de hoek. Op het raam geplakt. Het is een eendje. En dat is waar zijn blik op gefocust is.

De leidster mist in dit geval aansluiting bij zijn beleving. Ik neem het haar niet kwalijk maar vind het wel jammer. Gelukkig heb ik gezien wat hij bedoeld en bevestig dat ik begrijp wat hij ziet. En met zijn grote glimlach die hij nu laat zien, weet ik dat hij zich ook begrepen voelt.  Bedankt Hugo. Voor je duidelijkheid. Ik begrijp je.